← Back to catalogue

The human being in his function and aspects of leadership

Author:
Hans von Sassen
Original title:
De mens in zijn functie en aspecten van leiding geven
Type:
Syllabus
Language:
Dutch
Year:
1988
Pages:
2
Subject:
6 statements about leadership & management, co-workers and their function, conditions regarding to fill in a function
NPI reference no.:
2151.886

Ü
ND
NPI - Instituut voor Organisatie Ontwikkeling
syllabus: 2151.886
HS/LG
DE MENS IN ZIJN FUNCTIE EN ASPECTEN VAN LEIDING GEVEN
1.
Het is de taak van het management aan de medewerkers doe-
len zichtbaar te maken, middelen te verschaffen en een
zodanige ruimte te scheppen dat zij optimaal kunnen func-
tioneren.
Voorwaarden vaor optimaal functioneren zijn:
- dat iemand over capaciteiten beschikt en deze in zijn
werk kan gebruiken;
- dat hij doel en zin van het werk ziet en zich daarmee
identificeert.
Het eerste duidt op de ontwikkeling van "geest-kapitaal'
(opleidingen, enz.) "management by development".
Het tweede verwijst naar het vraagstuk van de motivatie
“management by objectives".
De derde voorwaarde waar het hier om gaat is dat de mede-
werker zekerheid heeft omtrent zijn functie in een groter
geheel.
Dit verwijst naar het vraagstuk van de organisatie, niet
alleen in de zin van goede regelingen, maar ook van "or-
ganisatie-bewustzijn' van medewerkers. Voor de leiding
betekent dit het toepassen van het beginsel van "manage-
ment by exception".
Elke functie van een medewerker is een afgeleide van de
functie van de gehele groep (afdeling). Om zekerheid te
hebben omtrent zijn eigen functie moet hij dus ook die
van de anderen kennen (begrijpen). Ieder kan zijn functie
slechts vervullen als de anderen hem dat mogelijk maken.
Bij de functie van een medewerker kunnen we drie aspecten
onderscheiden:
a. Taak, d.i. de aard en omvang van de werkzaamheden, dus
wat hij moet doen. Te beschrijven in termen van gedra-
gingen.
b. Positie, d.i. de plaats in de organisatie, de status,
rol, rang. Te beschrijven in termen van bevoegdhe-
den, rechten.
c. Functie, d.i. hetgeen verzorgd of bereikt moet worden
door zijn werk, gezien als onderdeel van een groter
geheel. Te beschrijven in termen van verantwoordelijk-
heden.
Valckenboschlaan 8, Postbus 299, 3700 AG Zeist, Telefoon 03404-20044, Fax 03404-12770.

RS
5.
Met deze organisatorische amschrijving correspondeert een
aantal voorwaarden t.a.v, de mensen, die de functie moe-
ten vervullen:
a. Voorwaarde voor het vervullen van de taak is het be-
schikken over de nodige kennis en vaardigheden (tech-
nische, sociale en conceptuele). De zekerheid in het
werk wordt ontleend aan vakmanschap, e.d.
b. Voorwaarde voor het vervullen van een positie is dat
iemand als functionaris en als persoon in zijn rol ge-
accepteerd is door anderen (chef, collega's, onderge-
schikten). Deze aanvaarding geeft zekerheid.
ec. Voorwaarde voor het vervullen van de functie is dat de
medewerker bereid en in staat is verantwoordelijk-
heid te nemen voor het bereiken van resultaten. Het
gevoel van zekerheid in de functie moet hij uit zich
zelf halen en uit de bereidheid tot samenwerking bij
de andere medewerkers, Een taak heeft men, in een po-
sitie staat men en een functie moet men telkens waar-
maken, realiseren.
Over deze aspecten van de functie wordt vaak in één be-
drijf zeer verschillend gedacht en er worden verschillen-
de waarden aan toegekend. Dit veroorzaakt vele onzekerhe-
den en daarmee afschuiven van verantwoordelijkheid, door-
kruisen van het werk van anderen, e.d. De organisatieleer
dacht aanvankelijk (19e eeuw) vooral in termen van posi-
ties, daarna in taken (analyse van werkzaamheden) en nu
steeds meer in functies.
De vele veranderingen in middelen en methoden om éénzelf-
de functie waar te maken, maken dit ook noodzakelijk. Het
denken over functies is echter minder concreet en daarmee
moeilijker dan het denken in handelingen.
COPYRIGHT NPI