EVALUATIE — HANDBOEKJE
Dit handboekje is de neerslag van ca 60 vrije groepsbesprekingen.
Van alle besprekingen werden aantekeningen en visualiseringen be=
waard. Aangezien de techniek van het evalueren het laatste jaar
aanzienlijk geevolueerd is, leek het me nuttig om deze resultaten
vast te leggen.
Dit handboekje — de naam zegt het al — is rechtstreeks voor de
praktíjk geschreven. Naar diepzinnige systematiek is niet gestreefd,
Ook volledigheid of receptuur heeft niet in de bodoeling gelegem.
Het heeft ten doel degenen die voor de opgaaf staan een gesprek te
evalueren een aantal praktische tips te geven en verder hen te laten
zien wat ef al zo mogelijk is, Wanneer men na een vrije groepsbespre-
king in äît boekje bladert komt men licht op ideeën, die voor het
betreffende gesprek bruikbaar zijn.
Het leidt geen twijfel of we zullen dit boekje wat betreft de moge-
lijke evaluatie-ingangen en de mogelijke visualiseringen aanzienlijk
kunnen uitbreiden wanneer we een jaar verder zijne
Misschien is dan ook het moment gekomen voor een meer wetenschappe-
lijke, systematische, theeretische bezinning «…«
A.H, Bos
oe
INHOUD
I. Toelichting van het programma=onderdeel plarming, V
evaluatie voor de cursisten.
= de planning,
- de V.G.B.,
= de evaluatie.
II, Praktische aanwijzingen.
= planning;
= tussen planníing en 7.G.B.,
= V,C.B.,
= tussen V,G,B., en evaluatie,
= evaluatie,
IE. Qverzicht van onderwerpen van vrije groepsbesprekingen,
IV. Evalvatie-ingangen,
= de gespreksstructuur en het algemene resultaat,
= de inleiding en de doorwerking daarvan,
— probleemstelling en gesprekeingang,
= de procedure,
= âe discussieleider,
= deelnemingskwantiteit en -kwalíteit,
= het groepsdenken,
= persoonlijke ledenrollen en karakteristieken.
V. _Yisualisering.
—= algemene opmerkingen,
= kleurensymboliek,
= 34 voorbeelden.
Planning — V,G.B, — Evaluatie
TI, Toelichting van âtt programma onderdeel voor de cursisten,
Voor de sociale-pedagogie is de groep het didactisch me—
dium,
Sociale verschijnselen worden zichtbaar in het groepspro=
ces,
Sociale vaardigheid is de vaardigheid om in concrete
sociale situaties te functioneren. Deze vaardigheid ont
staat niet door alleen beschouwend en theoretisch over
sociale verschijnselen te spreken, maar deze zelf belevend
te ondergaan en er handelend in te staan, Het noodzakelijk
sluitstuk van Ait sociale ieerproces is het bewustmaken
van de erveringen en het waarnemen van de gevolgen van de
eigen handelingen in de concrete situatie,
Deze ervaringen kunnen het beste worden opgedaan in een
sociale situatie die vrij is en waar men zelf de verantwoor
delijkheid voor draagt,
Uit deze overwegingen is het programmaonderdeel planning
V‚G,B.=evaluatie ontstaan, Het bevat de drie bij elke wer
kelijk menselijke activiteit wezenlijk bij elkaar behorende
elementen planting (naar de toekomst gericht), uitvoerin,
gin het heden staande) en kontrole (naar het verleden Zien-
de), - :
De Planning
Yan 5,00 uur tot 5,30 uur ie de groep vrij om voor de
V,G,B, van de volgende dag een onderwerp en een procedure
te kiezen,
Wat het onderwerp betreft kan men
= een case uit het bedrijf van één van de deelnemers behan-
" delen,
« één of meer onderwerpen uit de introductielijst kiezen,
= op de collegestof verder ingaan, ú
— een willekeurig ander onderwerp kiezen,
Wat de procedure betreft kunt U besluiten
= met of Zonder discussieleider te werken,
= met of zonder inleiding te werken,
inleider en D,1, in één persoon te verenigen of niet,
een commissie van voorbereiding te benoemen,
helemaal niets voor te bereiden, 7
een andere denkbare procedure te bedenken.
U bent dus volkomen vrij zowel het onderwerp als de proce-
dure te kiezen naar eigen inzicht. En
Van belang is, dat de planning realistisch is, dew,Z, dat
een doel wordt gesteld, ‘dat "haalbaar" is, gegeven de be
schikbare tijd, de aanwezige mensen en de voorhanden infor
matie, Velen van U zijn besprekings-moe, omdat veel be
sprekingen weinig productief zijn. Dit hangt samen met een
niet-realistische planning,
RE EH
De Vrije Groepsbespreking
De V,G.B, is eigenlijk een mes, dat aan vele kanten snijdt.
„U hebt de mogelijkheid om met een aantal colleges ervarin-
gen en informaties uit te wisselen,
= U kunt met elkaar tot verdieping van inzicht komen,
= U bevindt zich in een social: situatie waar U gevaarloos
kunt experimenteren met allerlei types van leiderschap,
gedrag in de groep, procedure-variaties ete, ,
= Ù produceert met elkaar belevingsmateriaal waarvän de im-
pliciete ervaringen naderhand bewust worden gemaakt,
U zult des te moer vruchten van deze besprekingen kunnen
plukken naar mate U zich persoonlijker inzetten zieh verant-
woordelijk voelt voor het slagen van het gestelde groepsdoel,
De Evaluatie
Bij de evaluatie maken wij gebruik van drie informatiebronnen
= onze eigen aantekeningen,
= de bandrecorder,
= de waarnemingen van cursisten=observers.
Dit laatste behoeft enige toelichting. Om twee redenen wil
len wij een aantal cursisten (elke dag anderen) uit de ge
apreksgroep halen en tot observer maken;
1, om de gespreksgroep zelf daarmee tot een redelijke omvang
“ terug te brengen,
2, om de cursisten in de gelegenheid te stellen zelf de waar
nemings-vaardigheid te oefenen, Men zou deze vaardigheid
ook'als actief deelnemend groepslid moeten kunnen opbren-
gen, Deze moeilijke dubbele activiteit kan men het best
gescheiden oefenen,
Men zal merken, at men anders in het groepsproces staat
als men er een keer bewust buiten heeft gestaan,
Wij zullen dit experiment pas de tweede week uitvoeren, Het
heeft nl, pas zin om naar iets te kijken als men weet waar
naar men kijken moet, Dit laatste zal U in de doop van een
aantal evaluaties duidelijk worden,
De bandrecorder dient als aanvulling op de eigen aantekenin-
gen en om U tijdens de evaluatie bepaalde gespreksgedeeltes
nog eens in detail te kunnen laten beluisteren,
Het is van groot belang, dat U de Juiste verwachting van deze
evaluatie hebt, Het gaat uitdrukkelijk niet om een beoordeling,
om een morele kwalificatie, Het gaat er niet om of iets goed
of slecht was, Een dergelijk oordeel neeft geen zin en is in
een sociale situatie ook niet mogelijk, Dergelijke maatstaven
moet ieder voor zichzelf en van de situatie waarin hij staat,
aanleggen,
Het enige wat men kan en mag doen is het objectiveren van het
sociale gebeuren, het laten zien wat men als buitenstaander
heeft waargenomen {de groep zelf beleeft het vaak anders),
het zichtbaar meken van de gevolgen van bepaalde handelingen,
„Het is aan de groep om al of miet mèt dit waarnemingsmateri=
aal aan het werk te gaan (zoeken naar dieper liggende sorza—
ken, verschijnselen met elkaar in verband brengen e,d.),
3e
Al naar gelang van wat zich afgespeeld heeft, zal een bepaal
de evaluatie=bril worden opgezet, d.w.z, gal'op een bepaald
aspect van het groepsproces worden gefocused, Bv, leiderschap,
ledenrollen, procedure etc,
De eerste planning zullen wij zelf leiden, De volgende plan-
ning=besprekingen zullen steeds door één van U geleid worden,
Dit is geen zware taak, maar ket is van belang, dat één uit
de groep zich verantwoordelijk voelt, ín de loop van de das:
zich reeâs beraadt, informeel overlegt ete,
De concrete opgaaf van elke planningsbespreking zal dus zijn:
1. benoemen van de waarnemets, Deze plannen niet mee,
2, kiezen van het onderwerp,
3. kiezen van de procedure,
4, kiezen van
= inleider,
— discùssieleider,
= comm, van voorbereiding,
— planbaasje, 7
5. eventueel vaststellen van focus (ov, we zullen morgen
eens extra letten op eenstemmigheid in woordgebruik of op
de helderheid van de probleemstelling), De ervaringen op-
gedaan in de juist aangehoorde evaluatie zullen meestal
bepalend zijn voor dit focus,
II, Praktische aanwijzingen.
‚ indien noodzakeliijk tussen evaluatie en planning
een kwartier theepauze om evaluatie te laten
uitbeierer en mentale omschakeling te bewerk-
stelligen.
. begin niet later dan 5,00 uur aan de planning;
anders gaat men ter wille van de borrel afraf-.
felen,
« zet de 5 planning-agendapunten op het bord.
« Open desnoods elke planning opnieuw met er op
te wijzen, dat de ernst waarmee de planning be
dreven wordt, bepalend is voor het succes ven
de V.G,B. Men krijgt tòch de konsekwenties van
een slordige planning op z'n boterham.
… wijs op de mogelijkheid van brainstorming en noem
enkele te omzeilen klippen,
‚ als de planning te onrealistisch is, grijp dan
desnoods in,
. heb een lijst van V,G.,B, onderwerpen voorradig
als de groep daarom vraagt,
‚ laat eventuele onderwerpformuleringen op de
flap plaats hebben en verzoek de inleider of de
commissie van voorbereiding schriftelijke infor
matie aan de groep niet op het bord maar op de
flap te noteren,
„ noteer de mensen die iets zullen doen.
Neem waar wat de groep en vooral wat de hoofd
roispelers doen, Zitten ze tot 11,00 uur naar
films te kijken en wordt het onderwerp daarna
“even” aan de bar voorbereid. Heeft de commis-
sie van voorbereiding zich informeel uitgebreid,
— maak de tafel zo klein mogelijk,
= zet stoelen voor de cursisten-waarnemers klaar
(niet naast elkaar).
— geef de waarnemers hun opdrachten,
= zet het bord weg en plaats de fiapezel tegenover
de NPI-waarnemers,
= limieer het santekenpapier (denk om bundelrand).
— zet de horloges gelijk,
— controleer het functioneren van microfoon en band,
— maak eventueel een plattegrond van de opstelling
van de groep en geef alle cursisten een afkorting
van 1 of 2 letters,
= gebruik eventueel diverse kleuren ball-points voor
het tussentijds interpreteren van het waargenomene,
= jaat de band aanstaan tot de mensen werkelijk op=
staan, De formele afsluiting is niet altijd het ein=
de van de bespreking,
Den
Tussen V,C.B. en Evaluatie.
— verzamel de waarnemingen van de cursisten-obser—
vers zodat deze ingepast kunnen worden.
— verwijder de flaps âie voor en tijdens de V,G.B,
zijn beschreven, Laat het bovenste vel blanco zodat
men bij de evaluatie de flapezel kan neerzetten
zonder alle flaps te moeten omslaan,
— denk bij de beschrijving van de flaps om de bundel
rand,
= EE de kleuren in hun symbolische betekenis
zie V).
= maak niet meer dan hoogstens 4 flaps,
— denk om de leesbaarheid op ca 6 meter.
… vermijd te lange schriftelijke reproducties, Ze be
hoeven te veel uitleg en nemen de spanning tijdens
de evaluatie weg.
Zvalvatie
gen t.a.v. de evaluatie recht te trekken,
— werk van het globale naar het gedetailleerde
(gespreksoverzicht, “wat vond U ervan", “wat was
net positieve en negatieve" etc). Laat eerst de
groep en de waarnemers zich uiten voor men de
eigen waarnemingen naar voren schuift.
6e
= laat, ináien enigszins mogelijk, een stuk band
horen. Zeg de eerste keren nogeens extra, dat
de stemmen er anders op uitkomen en dat chao—
tische momenten en Storende geluiden zeer
overtrokken worden mens luistert selectief),
laat de groep alleen luisteren met een concre-
te opdracht, waar ze op moeten letten, Dus
niet "zo maar eens een interessant stukje
draaien! ,
LIST VAN ONDERWERPEN VAN VRIJE GROEPSEESPREKINGEN
nnn
kT ij: Btikèttering.
Î Zijn er principiële verschillen en/of overeenkomsten
tussen Hongarije en Suez?
De “tussen rang" (bv. ass.bedr.leider) . El
Afscheidsavond of fuif tot besluit van deze cursus.
Bedrijfsphilosophie.
Analyse van de weerstand tegen de Wilma case. E
mn
00 AUS Wol
sees
Opstellen programma en vaststellen procedure voor
afsluitende bespreking op zaterdag. '
nn _
OF 1 at is vorming. … .
Ë Waarom juist in deze tijd vraag naar vorming.
Waarom vorming in het (door het) bedrijfsleven.
. Directe chef is in de eerste plaats verantwoordelijk
voor vorming. Opleidingsfunctionaris stimuleert. Hoe
de chef actief in het vormingswerk te betrekken,
ENEN
ses
|
Il DO
.
1. Communicatie van topbeslissingen naar beneden.
2, Waarover moeten wij communiceren.
3, Horizontale communicatie tussen concern-onderdelen.
il. Haeselaer case.
Î
ï
| |
hi. Hoe kunnen we groepsbesprekingen efficient laten |
Ì verlopen. Ì
\2, Hoe kom ik er achter wat in de mensen leeft, t
|3, Centralisatie en decentralisatie,
i
: — Ì
‘JA IE it. Hoe verkoopt de J.A. zijn ideeën aan de oudere prak- H
tijkman.
í ‚2, Hoe brengt Wzerman z'n eerste dag door.
Ì 3. Is verzuiling een bedreiging voor ons maatschappelijk
| E bestel,
'4e Welke naem moet deze cursus hebben.
| 15, Moet men altijd eerlijk zijn in het huwelijk.
. Moet je je vrouw deelgenoot maken van de problemen
van je werk.
Eenhoofdige of meerhoofdige leiding.
í
í
Í
PC I Is de personeelchef en staf of een Lijnfunctionaris, Ì
Mogelijkheden van het rollenspel. E
Statussymbolen.
Is het wenselijk bij Reygersma aile personeelsleden Ì
op maandloon te zetten,
Moet het bedrijf zich met het woningbeleid bemoeien.
Heeft het beärijf een taak t.a.v. de vrije tijdsbeste-
ding van haar werknemers,
De verhouding van de gedecentraliseerde personeels
afdeling tot de centrale personeelsafdeling.
|
_Ì DU WD A fend
foo
v.G.B.
A nnn
PG II il. De plaats van de personeelchef.
[2, Het doel van de onderneming en de functie van het :
| personeelbeleid. Ì
13, De achtergrond van het personeelbeleid,
id. Wat is de taak van de onderneming m.b.t, de vrije
! tijdsbesteding van haar werknemers,
15, Moet de opleiding van de personeelchef worden gere
ï glementeerd,
16.
iT. Mogen wij onze kinderen een geloofsovertuiging opdrin—
ï gene. \
DS II [Ì. Hoe moet het teamwork bij werkstuk opdrachten functio
neren. ï
beed
NIVE IEI. Aan welke voorwaarden moet worden votdaan om van een:
groep een team te maken?
Staf « lijn. Í
Hoe bereiken we afstandsverkleiging tussen de mensen |
door oriëntatie op het werk,
Bedrijfsbemoeiïng met vrije tijd,
Meegrvetbn met heidinggevend personeel.
K.b.M. stakingsconfiiet,
Het nut van de C,4,0,
Bedrijfsarts of geneeskundige dienst.
Het nut van het examen.
Hoe komen we af van emolumenten die ontstaan zijn
door de overspannen arbeidsmarkt,
Horizontale communicatie en verticale communicatie Ï
near beneden.
Verticale comm, naar boven.
De techniek en de pedagogie van âe communicatie.
|
RS IT Stoffel case,
De sociale vorming van de student,
Studentenflats of kleine units, Î
ï
BB 1 Planning bespreking. :
Integratie binnen concern en na fusie. i
Î Integratie binnen directie-team, !
IV, Evaluatje-ingangen,
— Vragen die men zichzelf of de groep kan stellen.
— Waarnemingen die men de groep kan aanbieden.
A, De gespreksstructuur en het algemene resultaat,
B, De inleiding en de doorwerking daarvan,
OC. Probleemstelling en gespreksingang.
D, De procedure,
E‚ De discussieleider,
F, Deelnemingskwantiteit en kwaliteit,
En Het groepsdenken,
H. Persoonlijke ledenrollen en karakteristieken
A. De gespreksstructuur en het algemene resultaat,
Hoe ziet het gespreksresultaat er uit in het licht van de
planning van de vorige dag, Was de planning realistisch?
Hebben bepaalde controversen en minderheden uit de planning-
bespreking doorgewerkt in de Vrije groepsbespreking?
Hebben bepaalde afspraken die men gemaakt heeft in de be-
spreking doorgewerkt, bv. "alle 23 introductie-onderwerpen
moeten in de drie besprekingen ‘behandeld! worden“; of
“3 van ons zullen een bepaalde rol spelen",
Hebben de verschillende fases van de problem solving door
elkaar gelopen?
Uit welke duidelijk te onderscheiden gespreksgedeeltes was
het totale gesprek opgebouwd. -
— waar kwamen deze gespreksgedeeltes vandaan, Hielden ze
verband met de inleiding,
= hoe ontstonden de scharnierpunten en overgangen tussen
de gespreksgedeeltes, Speelde de humor daar bv, een vol
in?,
—= was er een duidelijke wisselwerking tussen de gedeeltes
of stonden ze geïsoleerd naast elkaar?
Hebben bepaalde woorden of begrippen of extreme voorbeelden
(Sahara!) in het gesprek gedomineerd? Hoe kwam dit? Wat was
het effect?
Hoe was in het: totale gespreksverloop de relatie en onders
linge beïnvloeding tussen inhoud, procedure en interactie.
i1,
B, De inleiding en de doorwerking daarvan.
« Welke functie vervulâe de inleiding in het gesprek daarna
of anders geformuleerd: wat deed de groep met de inlei-
ding?
— de inleiding was zo volledig, dat de groep er niets mee
kon beginnen,
= de inleiding bevatte geen vragen of duidelijke problemen,
zodat de groep geen ingang had,
— op zoek naar een probleemstelling kwam de groep buiten
het gebied van de inleiding, zodat deze laatste geen
duidelijke functie meer vervulde,
— de groep heeft de inleiding alleen gebruikt als infor
matiebron, als bron om voorbeelden uit te putten of
als kapstok om eigen gedachten-associaties aan op te
hengen,
= de groep heeft de gedachte-draad, die door de inleiding
liep, opgepakt, verder ontwikkeld en verdiept. Het
thema had “kiemkracht",
— de inleiding vervulde een disfunctie in die zin, dat de
grote spanning en “bereidheid om het nu vandaag eens
echt goed te doen", die er bijna steeds om'9,00 uur ie,
verdween door een veel te lange inleiding,
, Was er een verband tussen stijl en vorm van de inleiding
(of andere startvorm) en stijl en vorm van het gesprek,
— een puntsgewijze inleiding geeft meestal aanleiding tot
een puntsgewijze behandeling van de stof,
— een brain=storming als start blijft meeatal tot eánde
doorwerken in die zin, dat het gesprek chaotisch-inven-
tariserend blijft,
— vooral dingen die door de inleider op het bord zijn ge-
zet, hebben de neiging lang door te werken, ook al
wordt het bord na enige tijd omgedraaië.
C, Probleemstelling en gespreksingang.
Verwarring over de eigenlijke probleemstelling,
Onvruchtbare probleemstelling, Deze bevat een vraag, die
in zin algemeenheid zo niet te beamtwoorden is,
Het doorwerken van impliciets beperking van het onderwerp,
die niet ter discussie wordt gesteld en niet in de totali-
teit van het onderwerp wordt ingepast.
Ombuigen van het officieel gekozen onderwerp án de persoon
lijke problematiek,
De groep ontdekt, dat ze wel een onderwerp heeft maar geen
probleemstelling.
Niet gestelde prae=alabele vragen als struikelblok.
Door een lopen van allerlei verschillende gespreksingeangen
en gezichtshoeken en sorteerkenmerken,.
Invloed van de ja-nee probleemstelling op het gespreksver=
Loop.
Is de verwarring rondom de probleemstelling mede ontstaan
door het woordgebruik
= lieten de hoofdwoorden van het thema verschillende inter-
pretaties toe,
— welke ruimte was er binnen de gebruikte begrippen,
= in hoeverre hebben de leden hun eigen betekenis, erva
rings en probleemwereld (zie introductie=bijdrage en
bedrijf en funetie van het betreffende lid) geprojecteerd
in de probleemstelling,
De
|
De procedure,
— Worât de procedure-vraag expliciet gesteld?
— Wanneer loopt men tegen de procedure-laup?
= Is de procedure duidelijk of wordt alleen mear gezegd
“we zulien de puntjes uit de inleiding doorlopen”,
= Worden de procedurebestuiten genomen nadat twee man
hierover gehoord zijn of zijn het echte groepsbesluiten,
= Blijkt de onduidelijkheid van de procedure bv, uit het
feit, dat men de voorbeelden uit de inleiding gaat
aanvullen en eorrigeren, terwijl ze alleen als voorbeeld
waren bedoeld,
= Waaruit blijkt, dat de groep zich niet lekker voelt in
het procedure=keurslijf van de discussieleider.
„Heeft men het onderwerp benaderd langs de case-weg óf
lengs de ideaal-typische weg. Is hierover een duidelijke
afspraak gemaakt? Hoe heeft een eventuele verwarring
hierover doorgewerkt,
= Ìs de procedure flexibel als blijkt, dat het onderwerp
toeh om een andere oehandeling vraagt, Wat is de oorzaak
van eventuele procedure-starheid en hoe werkt deze door
op het groepsgesprek,
BE, De discussieleider.
, Welke stijl van leiderschap werd waargenomen:
= manipulerend Ì -
— formeel 5 ve rkt B :
= laissez faire Ë hoe werkte dit op de groep:
— autocratisch É
« Welke functies heeft de discuesieleider uitgeoefend:
— bij overgang van inleiding naar gesprek zowel het
probleem ais de procedure scherp stellen,
= de verdere agenda bewaken,
— informele bron,
— groepshentering;
— samenvatten, Deed hij dit te vroeg of te laat of
helemaai niet? Deed hij het objectief of subjectief;
Amendeerde Ge groep op dit laatste, Hoe is dit alles
te verklaren, Vatte de die bve inhoudelijk onvolledig
samen, Omdat hij te veel procedure-gebonden was:
= attenderen op misverstanden en verschillend woordge—
bruik,
‚ Had de d,l, een verborgen agenda wat betreft de inhoud,
procedure of stijl van leiden, Hoe werkte dit op de
groep:
« Hoe was de relatie van de groep tot de leider? s er
bvs een tegenstelling tussen wat de groep eigenlijk wilde
qua inhoud en procedure en wat de dl: wilde,
« Zijn de fencetie en de stijl van de leider en de relatie
van de groep tot Ge leider gewijzigd in de loop van het
gesprek, Lagen deze punten bv. duidelijk verschijjend in
de onderscheiden gespreksgedeeltes,
„ Hoe was de relatie van de 8,1, tot de inleider of andere
Hyoorbereiding=comnissie-leder Was de inleiding een
verrassing voor de d,1,? Wilde hij een andere kant uit?
Was er voor de â,l, een loyatiteitsprobleem in verband
met afspraken met inleiderls) en was hij daardoor niet
bereid met de wensen van de groep mee te gaan?
„ Hoe was het bord-gebruik van de d.l.?
F. Deelnemingskwantiteit en kwaliteit,
‚ In welke frequentie hebben de leden aan het gesprek deel-
genomen,
. Ligt dit deelnemingspatroon duidelijk verschillend in de
te onderscheiden gespreksgedeelten, Hoe is deze verschui-
ving verklaarbaar?
. Hoe ligt dit deelnemingspatroon t‚o.vs andere dagen.
. Hoe is het domineren van bepaalde mensen te verklaren,
‚ Is er sprake van het monopoliseren van bepaalde gespreks
gedeeltes door bepaalde subgroepen?
< Is er sprake geweest van polarisatie van het hele gesprek
of van gespreksgedeeltes, waarbij het hele gesprekspatroon
zieh groepeert om een (plotseling opduikende) tegenstel
ling van persoonlijke of inhoudelijke aard?
‚ Ís het gesprek een groepsgesprek geweest of eigenlijk een
ketting van dia= of trialogen tussen steeds wisselende
subgroepen?
„ Waren gespreksversnellingen en vertragingen waarneembaar,
Wat waren de oorzaken:
= emotionele betrokkenheid
— ne alle misverstanden en moerassen
äurfde niemand meer iets te zeggen;
. Hoe was over het algemeen de betrokkenheid van de leden bij
het gesprek, Was men geïnteresseerd, was men serieus, voel
ge men zich verantwoordelijk voor het bereiken van het
groepsdoel.,
‚ Wat heeft de groep gedaan met het lid, dat niet bij de
anning is geweest en/of te laat bij de bespreking komt.
Horât hij ingelicht?
Ge, Het groepsdenken,
… Vond er werkelijk nieuwe oordeelsvorming plaats of alleen
maar uitwisseling van informatie en standpunten?
… Symptonen van groepsdenken zijn bv,
= de. mensen praten niet door elkaar, maar er zijn tussen
de verschillende bijäragen a,h.w. kleine rustpauzen
waarbij het gesprokene inwerkt en de volgende spreker
de juiste aansluiting zoekt,
— mensen wijzigen als gevolg van het gesprek hun opinie
of corrigeren bepaalde eenzijdigheden,
— men luistert werkelijk naar elkaar, Dit blijkt daaruit
dat de verschillende bijdragen duidelijk verband met
elkaar houden.
— een bepaalde persoon is in staat door de..stimulering
van de anderen 9m een bepaalde gedachte, die hij eerst
vrij vaag-en verward aaar voren bracht, in diverse
“etappes” steeds scherper te-formuleren en meer diepte
te geven.
— bepaalde “Goelpurten" (helder geformuleerde gezichts
punten) zijn ontstaan, door een goed “oombimatie-werk!"
van bepaaide leden,
— gedachten of conclusies die al eerder door een groeps
liâ geformuleerd doch door de groep afgewezen zijn,
worden na een half uur spreken algemeen door de groep
aanvaard,
. Indicaties voor het afwezig zijn van groepsdenken is het
varel bevattende oesters dat de groep produceert zonder
de parels eruit te halen.
‚ Groepsdenken is gebaseerd op luisteren. De oorzaak ven
niet luisteren kan zijns
— geen belangstelling,
= ander verwachtingenpatroon,
— eigen “vat? nog vol (bv, direct na inleiding),
— referentie-kader klopt niet.
. Indicatie-voor het groepsdenken vormt de aansluitings=
vierkants-tabel,
‚ Naast de aansluitings-vierkantstabel, die alleen een
kwantitatief gezichtspunt geeft, kan ook gelet worden
op de kwaliteit van de aansluitingen:
— haakt men aan op de gedachtegang van de ander of al-
leen maar op een willekeurig voorbeeld uit zijn betoog,
— haakt men in voortbouwende positieve of in critisch»
negatieve zin bij de ander aan,
— heeft de bijdrage van B niets met die van  te maken,
H. Persoonlijke ledenrollen en zkarakteristieken,
‚ Ledenrollen in het licht van de problem solving.
« bedenrollen in het licht van de wijze van stofbehandeling
(ideaal-typisch of casuistisch).
‚ bedenrollen in het karakteroiogische vlak.
, Ts vit ieders 1e bijdrage zijn “golflengte” al herkenbaar?
« De aansluitings-vierkantstabel geeft ook indicaties t.a.v,
de ledenrollen.
‚ Sommige leden hebben de tendens het onderwerp te verwijden,
anderen willen het steeds vernauwen.
… Sommige leden hebben de gewoonte om aen te haken bij of te
verwijzen naar anderen en daarbij deze steeds de bijdrage van
de ander om te buigen in de eigen richting.
« Sommige leden kunnen pas denken als ze praten, Ze hebben
de neiging om door te praten ook al hebben ze niets meer
te zeggen. Zij moeten gewoon in de rede worden gevallen.
«Sommige leden hebben de hebbelijkheid om pas met bijdragen
te komen als het onderwerp al verlaten is of zelfs wanneer
de gehele bespreking is afgesloten.
‚ Mensen die niet aan het woorâ kwamen, weg=gelachen zijn,
verkeert begrepen of Fonzindelijk" behandeld zijn,retireren,
werken vertragend of komen later in de picture terug, waar
bij ze op hun moment dat het niet past met het punt komen
waar ze nog mee "zitten",
‚Hetzelfde kan gebeuren met de intensieve luisteraar die
door de d,1, erbij gesleept wordt, omdat hij denkt dat de
man “afwezig' is, De man geeft een niets zeggend antwoord
dat hemzelf niet bevredigt en waarop hij in een veel later
stadium van het gesprek terugkomt.
„ Hoe werkt het experiment van bepaalde leden, die bewust,
een bepaalde rol kiezen?
« Hoe worden de dingen gezegd en vanuit welk motief
= formeel (mijnheer de voorzitter),
= aggressief,
— in de verdediging, 7
= objectief of op zichzelf betrokken,
V, Visualisering.
a
l
Ï
Î
Ï
|
|
Ï
Ï
f
É
|
j
Î
Ï
Ì
Í
Ï
Ì
Ï
Î
Ï
Í
Ì
|
Ï
Ì
É
11.
12,
13,
14,
15.
16,
17.
18,
19.
20,
21.
22.
23,
24.
25.
26,
27.
28,
29,
30,
31.
32,
33.
34.
Overzicht van het totale gesprek.
Samenhang tussen inhoud-procedure-interactie,
Inhoud en functie van een inleiding,
Doorwerken van een puntsgewijze inleiding van
een onderwerp met een impliciete beperking.
Doorwerken van Brainstorming in het gesprek,
Blordige probleemstelling en latere formulering,
Verwarring over de probleemstelling,
Onvruchtbare probleemstelling.
. Polarisatie-effect door ja/nee probleemstelling.
Polarisatie=effect op de leden,
Door een lopen van verschillende gespreksingean-
gen en uitgangspunten. 7
Gespreksingangen met betr, tot de leden,
Woordruimte en begrip=interpretatie,
Splitsen van samengesteld probleem,
Samenvattingen.
Beknopte problem solving,
Uitvoerige problem solving.
Case of ideaal-type,
Koersbepaling,
Discussieleider,
Manipulerend leiderschap.
Onzekere roi van de d,i, na de inleiding.
Bijdrage van leden, hun aantal, volgorde
zwaarte en frequentie.
Activiteit van de groep.
Parels en oesters.
Interstimulatie van het denken,
Tekort schieten van het groepsdenken,
Bijdragen van groepsleden,
Incidentele polarisatie effecten.
Golflengtes.
das kleur,
Ledenrollen en problem solving.
Leden karakteristjeken.
Persoonlijke rol,
an:
KEES
Hierna volgen een aantal voorbeelden van visvaliseringen.
Hierbij kan het volgende worden opgemerkt:
- Terwille van de typekamer is niet alles in kleuren uitge-
voerd. De gebruikte kleurensymboliek is op de volgende
blaäzijde aangegeven, Daar deze symbotiek pas later is ge
standaardiseerd, zijn vele flaps nog in willekeurige kleuren
uitgevoerd,
— De originele flaps zijn allen bewaard en liggen op het NPI
ter inzage.
— De voorbeelden zijn ingedeeld volgens de acht evaluatie-in=
gangen. Vele fleps zijn echter voor meerdere ingangen bruik
baar, zodat deze indeling niet waterdicht is,
— Op de voorbeelden zijn over het algemeen de teksten wegge-
laten, Dit zou de schema's veel te groot hebben gemaakt,
Het gaat hier alleen maar om de wijze van visualiseren, Wat
er precies inkomt te staan kan men Zich wel voorstellen,
Kleuren-syuboliek
AA
1. Fases ven de prablém solving:
probleemstelling — informatie
procedure gesprek
oordeelsvorming, het eigenlijke
tnhoudelijke gesprek
eriteria
samenvattingen en conclusies
2. Activiteiten van de discussieleider en facetten van het
totale gespreks-gebeuren:
ij
|
8
|
|
3e Ledenjasjes:
inhoud
procedure
interactie
concreet, casuístisch,
praktisch
abstract, generaliserend;
theoretische
1, Overzicht van het totale
esprek,
10,00
DO | inleiding
vragen
proceduregesprek
gesprek over I
tijd Inhoud Opmerkingen É
De inleiding bevat wel
een onderwerp, maar be
vat ze ook een pro
bleemstelling?
4 verschillende ge
spreksingangen blijken,
Heeft de groep dit
gemerkt, „?
is de nieuwe probl. st.
voor alle leden duide
ijk?
Lijk? TI
x
DTT ETD
{2 — beloning
S = tarieven
D = gratificatie
P — sfeer
ij W » niveau versch.
Z — sociale asp.
de
Ii
ad de groep niet beslo-
ten hierover niet te
spreken? Waarom dan
tòch?
Bevatte deze samenv,
alle relevante punten?
Zo nee, hoe is dat te
verklaren,
„. Een goed uitgangspunt voor elke evaluatie is een gespreks
overzicht, waarbij de te onderscheiden onderdelen zijn aan—
gegeven,
. In de tweede kolom worden de kleuren gebruikt zoals aange
geven, Wanneer procedurevragen en informatie door elkaar
lopen kunnen 2 kleuren door elkaar gearceerd worden.
|
î
|
!
22,
Het vaak willekeurig ontstaan van “scharnierpunten” kan
worden zichtbaar gemaakt door de laatste bijdragen vóór
de overgang op te schrijven,
Bij deze overgangen spelen vaak associaties met punten
it de inleiding of verkeerde interpretatie van elkaars
bijdragen een rol, Doordat een onderwerp wordt verlaten
zonder duidelijke afronding blijkt vaak, dat de vruchten
van dit gesprek gedeeitelijk verloren geen en in de slot
conclusie niet meer naar voren komen.
De laatste kolom kan gebruikt worden voor diverse doel
einden, zoals het stellen van vragen (beter dan eigen
interpretaties) en het opnemen van andere overzichten
met dezelfde tijdscheal.
(zie verder).
2,
Samenhang tussen inhoud — procedure — interactie,
procedure | interactie
1
|
Nl Ì
a Le
inhoud = soort relaties Ï voorbeeld uit een
— soort organisaties ij V,G.B., over relatie
- soort bedrijven ï locale — cantrale
Ì personeelchef
procedure = soort bespreking
— beschrijven of generaliserend
= case of ideaal type
— gespreksvorm
interactie — welke sprekers
— hoe vaak
— toon van âe gesprekken
— verhouding leden onderling
— verhouding leiding — leden.
Met pijlen en voorbeelden uit het gesprek wordt zichtbaar
gemaakt hoe de inhoud de procedure beïnvloedt, de procedure
de interactie medebepealt en deze weer terugwerkt op de
inhoudelijke resultaten,
Deze visualisering kan het beste als sluitstuk worden ge
bruikt, Men moet eerst de onderdelen waar tussen men de
wisselwerking wil belichten apart behandejen alvorens op
de relatie kan worden ingegaan. Ook hier is de vragende vorm
het beste,
Het geheel wordt in de symbolische kleuren uitgevoerd,
24,
3. Inhoud en functie van een inlejding,
Zoals al eerder ie gezegd kunnen de resultaten van de evalu-
atie beter niet als zodanig aan de groep worden uitgereikt,
maar omgevormà worden in de vorm van vragen,
Als men het gevoel heeft, dat de inleiding geen positieve
functie heeft vervuld, kan men de volgende flap voor de
groep neerhangen.
Als een inleiding de functie moet hebben van gangmaker van |
een vruchtbaar en gestructureerd groepsgesprek, welke eisen |
worden dan gesteld aans Ü
T
[
I II | III í
‘Inhoud en lengte (De rol van de D.L. De relatie inleie +
| van de inleiding jbij de overgang der — discussielei—
! {naar het gesprek j der
De antwoorden van de groep verschijnen op de flap, Daarna gaat
men van het algemene naar het specifieke en vraagt de groep
hoe ze in het licht van deze analyse de drie punten beoordeelt,
25.
met een ìmpliciete beperking.
Hieronder wordt een voorbeeld gegeven van de wijze waarop
men het hierboven genoemde verschijnsel kan visualiseren,
De groep sprak over: "aan welke voorwaarden moet worden
ze NES VOOrWwSarden moet worden
voldaan om van een groep een team Te maken”,
Op de eerste flap stond het verloop van het gesprek be
schreven.
| 1 probleemstelling (imleider heeft voor ogen een groep
mensen, die gezamenlijk een jaarbeurs-stand moeten
voorbereiden),
Ì
il
|
| 2| zeven antwoorden (inleider zet 7 voorwaarden op het
| bord),
i
í
Í
3{ groep signaleert n‚a,l, van deze antwoorden de beper
king van de probleemstelling. De juistheid van deze
beperking wordt niet ter discussie gesteld:
4} groep toont zieh loyaal t‚o.v. procedure inleider:; In
| 5! groep gaat over tot puntsgewijze bespreking en eindigt
| met de vraag "zijn er nog meer dan zeven punten”?
1 het gesprek blijft deze onopgeloste kwestie doorwerken,
4. Doorwerken van een puntsgewijze indeiding van een onderwerp
Het bleek, dat de zeven punten het gesprek zeer verstard
hadden.
Op de tweede flap verscheen daarom de vraag; met daaronder
de antwoorden van de groep.
| Wat is het effect op het gespreksverloop van een inlei-
ding, waarbij de vitgangsvraag puatsgewijs en vrij volledig
wordt beantwoor4?
voordelen nadelen
= orde în het gesprek — oogkleppen
= kens op volledigheid — men verzint moeilijk
— afbakening in de tijd nieuwe punten
— groep beleeft 't niet
als haar eigen punten
— groepsdenken wordt niet
H direct. geattiveärd
— groep wendt zich tot de
inteider
„ neiging eigen punten te
verdedigen
Pa
26.
Op de derde flap verscheen een volgende vraag met daaronder,
in âe loop van het gesprek, de antwoorden van de groep.
í
| Wat is het effect op het gespreksverloop van een beperking
van het onderwerp, die Ì
= niet ter discussie wordt gesteld,
- niet in de totaliteit van het onderwerp wordt ingepast?
| = gevaar langs elkaar heen te praten door verschillende
|__ praemissen,
L- men heeft het terrein alleen naar binnen en niet near
| buiten afgepaald,
| Gevaar van mensen die over de “muur” hebben gekeken en
| met iets “interessants aan komen dragen, wat niet ter
í zake is,
1
Tenslotte werd nog even zichtbaar gemaakt welke soorten
groepen onuitgesproken door elkaar heen hadden gespeeld in
het gesprek,
n _-_— lange termijn (overheiäscommissie)
® permanent — adhoe Korte termijn (jaarbeursteam)
stef Ï
x niveaur Z-lijn { coubinaties
S=arbeidersi
« heterogeen — homogeen
Le
| x adviserend — uitvoerend — beide
Ï
|
Ì
Ì
El
an
5. Doorwerken van Brainstorming in het gesprek.
Meestal leidt 15 min, brainstormen tot een uur chaos, De
d‚l, houdt het leiderschap moeilijk in
belang is het bord-gebruik, Eén en
gende wijze aanschouwelijk gemaakt.
9.00!
9.10
9,15
9.20}
9,25)
| 2.35)
9,40,
| 9,45
9,50
104001
10,05
10,10
10,15
10,20)
10,25
10,30)
9.05
Ì
9.30 TT|
955
nn
“probleemstelling
brainstomuins
| indeling-sleutel
zoeken
indelen
is deze sleutel bryïkbaar
nieuwe sleutel
de hand, Van groot
ander werd op de vol-
7
LE formeel 4.1,
“BK 1e secr. +
inf, dl.
chaos
ep he ti
Word |
Sen = 1e secr.
BK -— 2e secr,
nieuwe probleemstelling “+HSchr, inf, dl.
verder indeten
| volgens vude
sleutel
samenvatten op flap
procedure: hoe verder
geeprek over C-punten
“an het bord
door overzichte—
‚Lijke informatie
chaos HH weer dk,
an de [door vruchtbaar
groep disc, uitg, punt :
É
6, Slordige probleemstelling en latere herformulering,
Een paardenmiddel is om de oorspronkelijke formulering
woordelijk op een flap te zetten, Ook latere herformule-
ringen kunnen van de band worden overgenomen. Hieronder
het volgende voorbeeld:
oorspronkelijke probleemstelling.
Mijne heren, we gaan nu praten over het wegnemen van
afstand, door oriëntatie op het doel in plaats van
oriëntatie op de leider en dat gaan we dus nu weer be-
handelen op de wijze van het in de eerste plaats verza-
melen van punten door ons allen samen en sortering
daarna. Dat is ongeveer geloof ik de werkwijze. Wie mag
ik het woord geven?
nieuwe probleemstelling: half uur later,
Ja, ik geloof inderdaad, dat er alle aanleiding is om
nu toeh te blijven uitgaan van het idee: het ië wenselijk
om de afstand te verkleinen en dat we ons in zoverre
riehten op het hoe, dat het waarom of waarom niet, spe-
ciaal het laatste, een tweede gedachtelijn uitmaakt,
omdat er consequenties kunnen zijn, die erger zijn dan de
kwaal,
uitgangspunt slot-disoussie,
Hoe kan de methodiek zodanig gekozen worden, dat het
aantal negatieve effecten, bv, het groeien van de afd,
mentaliteit, beperkt kan worden,
(3x geformuleerd voor men in zee gaat).
1. Verwarring over de probleemstelling,
F
Tijd
| 9.01
î
Ed
911
Dit schema bevat dus een discontinue-tijdschaal, De zinnen
waaruit duidelijk de verwarring en het misverstand t.a.v.
de probleemstelling blijken zijn woordelijk overgenomen, ter-
wijl hele stukken gesprek daar tussen zijn weggelaten (ge
arceerde stroken), omdat ze vanuit dit gezichtspunt niet
zo interessant zijn.
8. Onvruchtbare probleemstelling,
De probleemstelling bevat vaak een vraag die in z'n algemeen
heid niet te beantwoorden is,
Bv, “Heeft het bedrijf een taak t.a.v. de vrijetijdsbesteding
van haar werknemers?"
In dit geval werd een beter uitgangspunt op de flap gezet,
waarbij uitsluitend gebruik werd gemaakt van opmerkingen die
in de eerste 10 minuten in de groep werden gemaakt.
1, welke motieven kunnen er voor een ondernemer bestaan om Ï
zich in welke vorm dan ook met de V‚T.B. bezig te houden? :
3. welke consequenties brengt dit met zich mee van
a) de man, b) het bedrijf ec) de sociale omgeving:
Ì
Í
ï
|
Ï =e
il
4. wat bepaalt of de ondernemer deze consequenties aan—
vaardt en dus een taak ziet?
Het begrip TAAK werd op een aparte flap nader geanalyseerd.
Een TAAK komt ergens vandaan, Is een afgeleide
| grootheid, í
í
: | van binnen uit | van buiten af | Í
' | gesteld | gesteld | |
| | pe
: j voor één persoon | geweten { chef |
| ï | geloof | |
| En |
í | voor een orgaan | doel | omstandigheden | ;
| | functie | hogere organen |
Î Ì
Ô
3ie
9, Polarisatie-effect door ja/nee probleemstelling,
De groep besprak de vraag: “moet de onderneming zich bemoei
en met vrijetijdsbesteding van haar werknemers? ,
Op de eerste flap werd zichtbaar gemaakt tot welke gespreks
vorm de probleemstelling aanleiding had gegeven,
Probleemstelling—:bij voorbaat beperkte algemene |
conclusies, eventueel met
restricties
ja —- waarom? —- neen
hoe?
ja neen
ssredenen redenen, ,
invloed {|} Dn ende | [invloed
hebbende; ZE A _ z- tshebbende
factoren) ZIJ zz \ lfactoren
EE: zz
L
Deze factoren komen niet expli-
ciet op tafel,
= welke zienswijze wint?
—= komen alternatieven en uitzonderingen
tot hun recht? Ô
Ln
Op een andere flap werd de aanpak uitgezet bij een probleem
stelling, die meer mogelijkheden openliet,
| 2) eventueel generaliserend.
Ï
probleemstelling——geâdifferentieerde conclusie
waarom? Ï
motieven invloed hebbende
factoren
{tz z< }
| - z Í
ï $+ ha ze | |
| tz z \
i tz ze LT |
reonsequentieg | ‘= 5 = | | E
wi Ï In z í
[wie dan wel in z | | |
— z ij | H
ms SA |
| |
Boel D |
methoden gericht op verschil |
lende objecten in |
az verschildende situa- |
D z ties |
conclusie 1) gedifferentieerd, |
il
32.
10, Polarisatie-effect op de leden.
In het kader van communicatieproblemen binnen de directie
werd als onderwerp voor een V,G.B, de vraag gesteld of bij
een meerhoofdige directie een presid, directeur moet zijn.
De groep formeerde zich om twee opponenten die vanuit hun
persoonlijke ervaringen deze vraag resp. ontkennend en be-
vestigend beantwoordden,
Dit werd op een flap zichtbaar gemaakt, Een vruchtbaarder
uitgangspunt werd er naast gezet.
‚moet in sen meerhoofdige [eomn, problemen bijl
directie één pres, direc diverse directie
teur Zijn i patronen en ontw,
| fasen.
v
wv. MB
geen pres,-directeur
wel n u
geen uitgesproken mening
procedure
1d.
33.
Dooreen. lopen van verschillende uitgangspunten en gespreks
angangen,
Er werd gesproken over het doel van de onderneming, Op de
tijdflap werd zichtbaar gemaakt, dat 5 verschillende uitgeangs-
punten direct al in het begin zichtbaar werden.
9.00
9,05
9,10
9412 7 Ld del. bedrijf v. gisteren
“(gesprek | 4 Gü. 8 bedrijf van vroeger Í
9.20 over | d— Wi, 2 bestaand bedrijf |
het | &—- Car‚: iemand die nu be-
doel Ï rijf sticht í
iT d,l.: idem
In de loop van het gesprek bleken bovendien 5 heel verschil-
lende gezichtspunten dooreen te lopem, Deze werden op een
aparte flap uit elkaar gehaald,
1. invloed van de ont.ph. van het bedrijf op de doelst.
pioniersphd—— Teons.pl. > lintegr.ph.l
2. invloed van het economisch=krachtenveld
hoog PN
conj. Á conj.
et
laagconje
3. invloed van het sociale krachtenveld (tijdgeest)
<
ee
4e invloed van de individuele leiders en hun voorkeur
en vaardigheden Tj
|
5e invloed van motief van handelen op het effect ervan
es
pas Ì
CEI Ed
>
BZ)
Ook hier kan men laten zien, dat de vraagstelling tot onnut=
tige tegenstellingen en definitie-zoekerij heeft geleid,
In de vorm "welke factoren bepalen en beïnvloeden de doel
stelling van de ondern,”, had men veel nuttiger gepraat,
34e
De verwarring van deze 5-heid werd nogeens zichtbaar gemaakt
door ze in de tijd uit te zetten,
et
motief bijdrage
Naam ontw. | conde
35.
2, Gespreksingangen m.b.t, de leden.
in een gesprek over de bemoeiïng van de werkgever met de
vrijetijdsbesteding van haar werknemers bleek al direct,
dat er allerlei wegen waren om het probleem te benaderen.
Op een flap werden deze ingangen opgeschreven als mede de
manier waarop deze de eerste tien minuten door elkaar
speelden. Dit is op zichzelf niet zo erg, maar meestal
blijven deze verschillende benaderingen onopgemerkt en
spelen ze de groep een uur lang parten.
1. Wat is het motief van de werkgever?
‚principieel, uit opportuun door
‘doelstelling on- ; omstandigheden
iGerneming volgend; geâwongen
i
t
H d
sociaal | |
2. binnen de onderneming,
3. verplichting t.o.v. Locale en nationale ge-
meenschap,
4. probleem varuit de werknemer gezien,
5. probleem gezien tegen het licht van de ontw.
fasen van het bedrijf.
| naam ‘bijdrage benadering volgens ì
ï ' 1a ‘tb riet 1d} 2:33:45;
DIE, Lj,
Í en: : iel}
Es ii Ì 5 Lt | í
i Lj ES Xi}
En \ nne Î J
Indien de onderscheiding zich er toe leent kan ook in
plaats van de kruisjes in kleuren worden gearceerd,
Het schema bevat geen tijdechaal. Elke regel bevat een
bijdrage .
Ld
13.
36.
Woordruimte en begrip=interpretatie.
Men kan de ruimte, die binnen een bepaaìd woord aanwezig
bleek te zijn eenvoudig als volgt de cursisten voor ogen
houden:
1
moet de onderneming zich bemoeien met de vrijetijdsbesteding |
van haar wefknemers 4 í
onee programmeren; fonts ning
N deereteren | \ pa 8
miâdelgrootbedr, N{ Û \sport
> stimuleren + : s
klein 24 ä jontwikkeling
: inancieren !
hin de Sahara brdi ‘kunst
lin Amsterdam coördineren , R
\ (door 4O-urige w.w.
/ \schaft
5 {ne vijven
vakantie
pensionering
ploegenâienst
Á
of uit een andere V,G.B.
mogen we | onze kinderen een levensovertuiging,opdringen
(eriteria) : (methode)
inzicht | On 7 jaar geloofsovertuiging bil op=
ouders | Î ‘leggen
plicht | T=i4 jaar maatsch. normen leiden
geluk | 14-21 jaar politieke opv. overtui-
E gen
oordeel ij 21 jaar zedelijke normen ‘Laten
kind ij \ervaren
\belache-
lijk maken
voorleven
Soms kan men dergelijke schema's geheel opbouwen uit bijdragen
van leden, Soms stelt men het op om de groep een totaal over=
zicht te geven van het veld dat zij onsystematisch en slechts
voor-een.deel hebben verkend.
31.
14. Splitsen van samengesteld probleem,
De groep raakt nogal eens in het moeras, doordat in de
probleemstelling twee verschillende vragen zitten opge=
sloten,
Wanneer de groep zich de vraag stelt
“moet het bedrijf zich met de huisvesting
van haar werknemers bemoeien”,
dan spreken de groepsleden beurtelings over het waarom,
het hoe en de consequenties.
Men kan dan het best de groep een alternatieve aanpak
voorzetten waarmee deze problemen worden vermeden.
‘niet: moet het bedrijf zich met de huisvesting van haar
werknemers bemoeien.
maar: vraag Ì welke motieven kunnen er anno 1958 voor
ï een werkgever zijn om zich in welke vorm dan ook
met de huisvesting van haar werknemers in te la= …
ten? E
vraag 2 indien motieven aanwezig, welke vormen
zijn dan denkbaar.
informatie woningnood,
personeels te kort,
belasting aspecten,
juridische aspecten.
Veri
eriteria
ij
geen lange verplichtingen aangaan,
: geen ongezonde binding van werk-
Ì nemers aan het bedrijf,
mogel, opl. — bemiddeling,
financiële steun,
huizenbouw,
oplossingen
Br
15. Samenvattingen.
Tijdens discussies vinden soms samenvattingen plaatse
Meestal van de zijde van de discussieleider of van de
inleider aan het einde van zijn inleiding, maar ook
wel eens van de zijde van een groepslid, dat enige tijd
niet aan het gesprek deelneemt en dan in eens met een
bepaalde samenvatting of formutering uit de bus komt,
Het kan nuttig zijn om een dergelijke samenvatting woor
delijk van de band op een Flap over te nemen en dan te
laten zien hoe
— in deze samenvatting slechts enkele bijdragen tot hun
recht komen,
= de persoonlijke mening van de betreffende het uit
gangspuat vormt voor deze samenvatting,
= de samenvatting vol met onduidelijkheden en vaagheden
zit, waaruit blijkt, dat het de men zelf nog niet
helder is,
… deze samenvatting niet door de groep gebruikt wordt,
-— de groep niet ziet dat deze samenvatting tegenstrij=
digheden bevat die verder misverstand veroorzaken,
… Boor deze samenvatting de groep zich in eens bewust
wordt van de troebelheid van de stof.
Voorbeeld:
u De P.C. is een staffunctionaris, met adviserende be-
voegdheid, maar hij zal, teneinde zijn gegeven adviezen
te realiseren of gerealiseerd te zien worden, in vele
gevallen Llijnwerk Eer althans heel dicht bij de Lijn)
verrichten en vooral die taken welke coördinerend zijn
en ook die, waardoor de Llijnfunctionarissen geen of
onvoldoende enthousiasme opbrengen."
16, Beknopte problem-solving.
Naast de tijdkolom komen 3 kolommen
— voor probleemstelling en informatie (IT)
— voor criteria en oordelen II
— voor oplossingen en besluiten (LII)
Nn
ET | ELI inhoud namen
: Rechts wordt kort
een ee N { samengevat wat de
ie eee i | inhoud van het
Ô En: Ì vetrokken stuk is
geweest, eventu-
eel met vermel
. ding van de be-
eee | treffende spre-
Zed ZIEL: : ‚ kers.
ENKAEAR)
Ì
I
}
!
1
Û
Voor procedure opmerkingen kan een vierde kotom worden inge
ruimd.
Het geheel kan ín de geïijkte kleuren worden uitgevoerd.
In dat geval kan alles in 1 kolom. Overzichtelijker is echter
om het te piitsen.
1.
| naam
bijdrage |:
Uitvoerige problemr-solvinge
5 DTE If Vo
commentaar }
Î
Î
ï
Ì
Lel
motief
emotioneel |
niet dui-
delijk
erit.
18, Case of iâeaal-type.
Hoe wordt het onderwerp aangepakt?
Over het algemeen maakt men geen duidelijke afspraak over
de twee hoofdwegen die men kan wandelen.
Jen kan deze keuze-mogelijkheid als volgt zichtbaar maken.
“op welk niveau witten Gleu
wij spreken
Ae Ed dd namen
we Ì - .
_ EUT ee
concreet,
Í jalgemeen \ |
individu- igeneraliserend;
ele geval Ì 7
‘den B Ì
mi Af
(vert
|verklaren| || toekomst |
vanuit uit het E prognose;
zijn ei- {jieigen toe=| verleden | mT
igen ver= I{ komstmoge-| ”
leden | lijkheden 5 A
|toekomstnorn | aigemene :
voor dit ge) richtlijnen,
{val Ì voor de
toekomst
5 Ne
| weg daar: ï Í weg daar naar toel
42.
19, Koersbepaling.
De eerste 10 minuten nà de inleiding zijn meestel bepalend
voor het hele verdere gesprek, Ais de groep dan niet wak=
ker is, raakt ze ongemerkt in een slop, waar ze meestal
niet meer uitkomt.
Van belang zijn in dit verband vragen als:
- kon de groep iets met de inleiding doen?
— wat heeft U met de inleiding gedaan?
— was er een tegenstelling tussen wat de groep eigenlijk
wilde qua inhoud en procedure en wat â,l. + inleider
wilden?
= is de procedurekwestie gesteld door de inleider, de
Aiscussieleider of de groep of is men procedure=loos
aan het werk gegaan?
wie bepaalden de richting waarin men startte?
— was de procedure duidelijk of zei de inleider alleen
maar 'we zullen alle puntjes van de inleiding doorlo-
pen?
— had de groep in de gaten, dat er wel een onderwerp was
maar geen probleemstelting?
hoe heeft de inleider van het bord gebruik gemaakt?
heeft de groep een poging gedaan het onderwerp in te
perken omdat het veel te ruim gesteld was?
— heeft de groep onderkend dat aan de vraagstelling van
ge inleider (wat ís de taak van de pers.-chef) een
pracalabele vraag vooraf gaat, zonder beantwoording
waarvan een onvruchtbaar gesprek ontstaat (wat is het
doel van de onderneming)?
Het is in verband met deze vragen nuttig om de eerste 10
minuten ne de inleiding zichtbaar te maken (Grooral deders
eerste bijdrage is belangrijk), Dus tot het moment dat de
groep op een bepaald spoor zit, In deze eerste 10 minuten
zijn meestal. alle later aan de dag tredende misverstanden,
interpretaties verschillen, "sloppen", benaderingsmogelijk=
heden ete. in kiem aanwezige Men kan de samenhang tussen
deze latente en manifeste misverstanden etc. ook op een
flap zichtbaar maken.
20. Discussieleider,
De rol die de discussieleider heeft gespeeld kan het
beste onderkend worden door uit het verslag en de
band zijn bijdragen na te gaan en deze te splitsen near
proceâure, interactie en inhoud.
Men kan hier een apart overzicht van maken (zie hier-
onder). Men kan het ook opnemen in een speciale
kotom van het algemene gespreksoverzicht.
tn voorbeelâ 5 is nog een ander variatie zichtbaar.
ij ii
Î
|
È
ï
Î
Û
ï
E
5 vB.
nhoud del. proce! inter=länh. |
er in
betrekken
| dwingen tot;
scherp for-|
muleren
gesprek uit!
het per-
soonlijke
halen
ij
Î
:
$
Ì
í
ï |
| tija ‘gespreksgedeelte |È |
t Ü } Î bijdrage í tactie î Ï
Ï H Ì Ì ï
Î LZ ij ï ï
[g.00 KEZ | |
| LZ H Ì
\ |
IL) |auurt 10 |
ete. À | minuten Ì |
ï AÀ j voor men H !
ee À in het ge- | |
EO jie loopt | ï
OO { prim/sec. bn |
Ld j scherp H í Í
í Oe Á {stellen Li
21.
Maniputerend Jeiderschap.
Men ziet een onzekere dl, vaak in die zin manipulerend,
dat op alle opmerkingen van de leden vriendelijk wordt
ingegaan, maar waarbij deze opmerkingen steeds worden om
gebogen naar het standpunt van de d.i., zelfs als ze er
lijnrecht tegenover staan. Bovendien doet de dl, voor-
komen als of alie bijdragen eigenlijk al door hem gezegd
zijn.
Men kan dát zichtbaar maken met de kruisjesfliap, waar-
bij in de kolom voor de inhoud dergelijke wendingen geno-
teerd worden.
Bve:
Lal2talalstar! ti 8| rnhouâ
Ï Ï procedure a) bedrijfspraktijk in- |
Li EE: ventariseren |
bj | Fi b) punten n‚a.v. gis-
En, Es teren
RES LP mn
E x | | _i dat zei ik al; eerst a) nuttig= |
bi Dt b) eriteria
í : Ê Kd ì da, dus eerst over ervaringen |
id | Lt _Ì hier en dan over onze praktijk- |
Li i j ervaringen |
En: En
Ei |l
Ed ' | KL am É
' ij x | j dat zeg ik juist Ì
ble | zz
Í : x | dat is precies waar ik heen wil |
| En:
Dx In
Ï i x L__f wacht even, daar heb ik een be-
| ' | | | | doeling mee |
Lt === i
Li E zl en
EE: xt Ì j dank U, dat zat ik juist uit te |
EE: | vissen Oe
Le In ee 7 Ten,
In werkelijkheid zaten er tussen de opmerkingen van de dl.
meer kruisjes van andere leden.
43e
22. Onzekere rol van de DL, na de inleiding,
Het komt vaak voor, dat de d,1, zich onzeker voelt na
een inleiding m.b.t. het verdere verloop van het gesprek.
Dit kan verschillende oorzaken hebben:
= ä,l, heeft te weinig contact met inleider gehad, zodat
de inleiding een heie andere richting uitwijst dan de
dl, zich had voorgesteld.
= de groep wil een hele andere richting uit. Het niet
meegaan van de d,l, met de wensen van de groep kan
verschillende oorzaken hebben:
« niet Loslaten van eigen mening,
. overtuigd zijn, dat de weg die de groep wil in het
slop voert,
… loyaliteitsprobleem, De d,l. wil eventueel zelf wel
een andere kant op, maar hij heeft met een of meer
anderen een bepaalde aanpak voorbereid en voelt zich
door deze afspraak moreel gebonden.
De onzekerheid kan resulteren in een bepaald gespreks-
patroon, dat als volgt kan worden zichtbaar gemaakt.
pe 1 / VGB.
Es)
Men kan de groep vragen naar de oorzaak van dit gespreke-
patroon en naar het gevolg voor het verdere gespreksver-
loope
. = spreken
x= poging tot interruptie.
23. Bijdragen van leden, hun aantal, volgorde, zwaarte en
frequentie (zie ook 28),
a. Bij een gesprek waarbij enkele mensen of speciaal de
d,l. gedomineerd hebben, kan een deelname frequentie
diagram goede diensten bewijzen. Teneinde dit äiagream
vergelijkbaar te maken met diagrammen op andere dagen,
moeten de bijdragen ‘n procenten worden uitgedrukt,
Vermeld moet worden aan de groep dat korte interupties
van een paar woorden niet meetellen, evenals bijdragen
van 3 of 4 mensen tegelijk. Overigens telt een korte
bijdrage even zwaar als een monoloog van 10 minuten,
Over het algemeen wordt het grafische beeld nog extre-
mer wanneer men de spreeklengtes er in zou verdisconten
ren
25
Hen kan de verschillende dag-diagrammen op één flap
onder elkaar zetten. De volgorde van de leden moet dan
wel steeds hetzelfde zijn,
b, Sommige leden begrijpen elkaar goed, zitten in dezelfde
situatie, vinden elkaar sympathiek, anderen begrijpen
elkaar niet, hebben zeer tegengestelde meningen en zijn
elkaar onsympathiek, Dit kan tot uitdrukking komen in
een zgn. aansluitings-vierkentstabel, waarin worât
aangetekend hoe vaak meneer  het woord nam na meneer
B, B na A, B na C etc.
Ben dergelijke diagrem kan er als volgt uitzien:
alleen te lezen van verti=
cale letters naar horizon=
tale letters,
Dus B heeft van de 14 x
dat hij sesproken heeft dit
12 x nà de &.1l, gedaan.
Streefde hij naar het lei
Gerschap? Men moet de aard
van de bijdragen dan nagaan.
Wat is er met C t‚o.v. EF
en het bondje H.J.K.?
Kem ett ank
41.
Men ziet bv, mensen, die niet op elkaar aabsluiten, omdat
ze elkaars taal niet spreken.
Over het algemeen moet men de interpretatie van deze tabel
aan de groep overlaten.
Het monopoliseren van bepaalde gespreksgedeeltes door
bepaalde subgroepen, waarbij de overige deelnemers tot
randfiguren worden, die af en toe wat "losse flodders!
afvuren, maar het gespreksverloop niet beïnvloeden,
kan in een zgn. oscillogram worden zichtbaar gemaakt.
48,
24, Activiteit van de groep.
Soms zijn er groepsbesprekingen waarvan men het gevoel heeft:
men was lui, moe, ongeconcentreerd, deed z'n best niet er
iets van te maken etc. etc, Men kan dit niet allemaal zo
voor de voeten van de groep gooien.
Een mogelijkheid is het maken van een flap waarop men alleen
schrijft:
Welke invloedsfactoren spelen een rol bij het
al of niet slagen van een groepsgesprek.
Daaronder komen de antwoorden van de groep, Dit leverde in
het geval waarin dit werd toegepast:
— geen persoonlijke tegenstellingen,
— zeifde taal spreken,
gemeenschappelijke interesse,
— bekendheid met de materie,
— voldoende informatie,
= scherpe probleemstelling,
— duidelijke doelstelling,
— groep competent,
— humor,
= goede del.;,
— Äiscipline in de groep,
= groep niet te groot,
groep wakker,
— iedereen moet meedoen.
1
De groep gaat dan aanstrepen wat er die morgen aan heeft
ontbroken en komt op die manier vanzelf tot de punten,
waarvan ze zich bewust moeten worden.
49.
25. Parels en Oesters.
Maatstaf voor het feit of de groep alleen maar wat losse
informatie en gezichtspunten heeft uitgewisseld of dat ze
tot werkelijke oordeelsvorming, tot nieuwe gezichtspunten
is gekomen, m.a.w. of er met het (latent) aanwezige bouw
materiaal ook werkelijk gebouwd is, is het verschijnsel van
de parels en de oesters.
Een oester is een opmerking, die, mits even verder uitgen
werkt, tot een belangrijke gedachte of aspect kan leiden
(parel), Dat parels in de oesters blijven zitten kan vern
schillende oorzaken hebben, In het onderhavige voorbeeld
kwamshet door het hardnekkig vasthouden van de dl. aan
een onvruchtbare doelstelling (zie pijltjes). Dit hing weer
samen met een loyaliteits-conflict t‚o.v. zijn collega in-
leider,
In het verslag van de BB-cursus te Noordwijk staat de 26:
flap volledig uitgewerkt,
T 7
tja | igespreksged, | ä.l, | omschr.
ï | Ì loesters
. M, Br,
ni. Maitl,
Men ziet hieruit tevens, dat alle leden oesters leverden. —
vaa +
Op een tweede flap werden de parels opgediend zoals wij die
uit de oesters hadden gepeld.
No E Oesters
26. Interstimulatie van het denken.
Men kan laten zien hoe één groepslid door de groep in
staat wordt gesteld een bepaalde gedachte zeer scherp
te formuleren,
Het ging over "Bemoeirnis met de vrije tijd",
Bijdragen van âe heer X.
| 9.11 45=urige Wewe — nationaal probleem i
| Poze | vateb |
Ì i dingen binding :
; =d
| 9.31 j econ, en sociaal doel; plicht t.o.v. omge
| Ì ving
E } 4
| 9,34 j grens met charitatieve. Geen taak, wel be=|
Ê Î lang, als gemeensch, te kort schiet
i ï
9.38 | alg. taak vet.be ned, sociale |
| 2 dingen gemeensche |
Ì t‚o.v. eigen werk nemen |
Ln 4 = li
[
| 9.40 _f _BINNEN — BUITEN
í ! ij economisch sociaal
STILTE. Volgt pract.
uitwerking.
51.
27, Te kort schieten van het groepsdenken.
Soms ziet men een groepslid een belangrijke bijdrage leveren,
die een belangrijke wending of verdieping aan het gesprek
zou kunnen geven. De groep neemt de bijdrage op. Interpren
teert hem, vervormt of misvormt hem en veegt hem tenslotte
van tafel. Het betreffende groepslid probeert soms nog wel
te verduidelijken, maar dat kelpt niet altijd. Hij is er zich-
zelf niet altijd van bewust, dàt zijn bijdrage werkelijk be
langrijk is.
Een dergelijk proces, dat zich vaak in enkele minuten af—
speelt, ken men als volgt zichtbaar maken,
ei Dn
commentaar
toorspronkelijke bij
larage van Â
ie
gesimplificeerd :
Fe … B
lin commerciele zin
lomgebogen
EN probeert recht
te zetten
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
| gekarikaturiseerd '
‚door toepassen op
‘klein bedrijf je í
‘historisch over- |
trokken d
. NOS
‘vergelijking met |
[machine (onzinde= |
Lijk gedacht)
inogmaals in het
icommerciële omge
ibogen en van tafel
‚gevoegd
&
ot
id
.
28, Bijdragen van groepsleden (zie ook 23).
Het ken nodig zijn om zichtbaar te maken, dat
= de bijdragen aan het gesprek zeer ongelijk verdeeld
"zij,
bepaalde personen overheerst hebben,
bijdragen van bepaalde mensen niet door de groep
zijn opgenomen, zolat ze na een tijd weer opduiken,
— het gesprek geen eigenliijijjk-groepsgesprek is geweest
maar een ketting van dia- of trialogen,
— bepaalde "doelpunten" zijn ontstaan (scherp gefor-
muleerde inzichten) door goed combinatie-werk.
HH 0 ad Ee
t
Voor deze doeleinden kan de kruisjes kaart worden gebruikt
ì tijd ; namen van de groepsleden! korte inhoud
ABCDEFiGHIJK |
í
|
|
\ In äit gedeelte van het
Ì voorbeeld zijn zichtbaar
Ì gemaakt de verschijnsen
ï
Ì
|
|
Ì
|
|
ij
ï
Ten Den C í
Ll
hl
bel
Ee]
M
a en nee
In dit vb. is E zicht
baar gemaakt, De pijlen
geven aan door wie de
betreffende spreker is
ï | “bevrucht” in zijn den-
eN | Ken,
Zet | Tenslotte is A in staat
£ nn: \_ om zijn oorspronkelijke
Lt ‚ gedachte verdiept en Ü
| verscherpt te formule !
En E ren ij
babnbednerdeenlede den eee
xj | it | î Op welke wijze een be—
t ‚ paalde persoon kan
E overheersen (meestal
de d,1,) kan als volgt
‚ worden zichtbaar ge=
z ‚ maakt
|
|
Î
29, Incidentele polerisatie-effecten (zie ook 10).
In bepaalde gespreksgedeelten kan plotseling polarisatie
optreden, Het gesprek âraaít om een tegenstelling tussen
twee personen of twee gedachten-tegenstellingen,
Dit ken als volgt zichtbaar worden gemaakt:
— principiële zijde — niet begrijpen
— bang voor verwaar- — procedure
lozing sociaal
aspect
30. Golflengtes.
Het komt soms voor, dat een onderwerp van drie duidelijk
te onderscheiden kanten is te benaderen. Bv, tijdens een
gesprek over het stakingsverschijnsel bij de K.L.M, werd
dit benaderd van de tactische, principiële en juridische
zijde. Het waa niet toevallig wie welke ingang koos.
In onderstaande flap werd dit zichtbaar gemaakt, De
grote van de cirkels hangt samen met de grotere of klei-
nere rol, die men in het gesprek heeft gespeeld.
ee
T
Nu Ver,
; - tactisch |
— principiëel Ì
—= guridisch Ì
|
í
Go í
ee
ì
de J | DL a
Bo | |Fâs 7 |
Br | | Fa Ì
Î ij Î ï
Î
í
ï
ï
El
Ì
|
55e
31, Jeskleur,
Over het algemeen kan men in een gesprek de roüe en de
blauwe jasjes duidelijk onderscheiden. Rood zijn de doe
ners, de practicí, die het onderwerp langs de concreet
casuistische weg benaderen, Blauw zijn de denkers, de
beschouwers, die graag generaliseren, abstraheren, naar
het ideaal-type zou werken (zie ook 18).
Het onvruchtbare van een groepsgesprek vindt zijn oor=
zaak vaak in het niet onderkennen van deze tegenstel
ling. Het ken derhalve goed zijn deze verschilden in
kaart te brengen.
T T
| Enkele opmerkingen die de Kleur |
‚van de jas duidelijk illustreren H
Ld
Á
Ì
en
56.
32, bedenrollen en problem-solving.
Soms zijn de ledenrollen duidelijk verdeeld over de onderdelen
van de problem-solving, Een groepsgesprek kan aanzienlijk aan
vruchtbaarheid winnen, wanneer men dit gegeven onderkent en
gaat hanteren,
Het verschijnset kan als volgt zichtbaar worden gemaakte
— informatie Ì
— procedure Í
… criteria Í
— mogelijke opl.
Uit de afwisseling van de kleuren blijkt het chaotische
van het gesprek, Uit de uniformiteit van de kleuren per
persoons=kotom blijkt een eventuele rol-verstarring.
33. Leden karakteristieken,
Door een analyse van de verschillende bijdragen kan men
bv, tot een volgende karekteristiek van de verschillende
leden komen. PO I/V.G.B.
D.L, — procedure |
LN — verhelderen — differentiaties aanbrengen Ì
| EH — nieuwe ideeën; verhelderen |
ï W — appeleren aan brain-storming i
| P — mening poneren en vasthouden. Concrete ervaringen
NVA — principiëel standpunt. Motiveringen. |
| ES) — relativerend, Nieuw element |
[St — eigen situatie |
í J — vasthoudend aan eigen punt í
Het is mogelijk om een stuk gesprek zicatvaar ve maken,
waarin deze karakteristieken naar voren komen, In de
verticale kolommen schrijft men met een erkel woord de
belahgrijkste bijdragen. Uit de bijdragen binnen een kolom,
dus van één persoon moet dan âe karakteristiek blijken.
Hier gaat veel tijd in zitten en het geheel is niet altijd
even duidelijk,
ij t
neem Í {
ikarakt. |
ij
‘tijd 9,05
| 9.10)
9.20;
9.22
9.40
9,42)
10,00;
10.15
10,20!
10,22
10. 30! Elis Ì
i 7 _ Ä ate:
|
|
|
bie
34, Persoonlijke vol,
Soms kan een enkele persoon (of twee) er uitgelicht
worden vanwege zijn karakteristiek rolgedrag.
Een flap van de volgende aard kan dan ontstaan:
ve  — Verheldering met betrekking tot
probleemstelling, zowel als con—
clusies,
Dl. gaat daar niet op in of wijst
dit af.
Kl, — Fel; strijd-element op roepend,
steeds nieuwe motieven zoekend,
meestal in de vorm van niet pas
Î sende analoge voorbeelden,
} tijd | voorbeeld }
| 9.22 | Í
[g.zo |
| 9,30 |
ie)
le}
Kea
bee
18-rap.