← Back to catalogue

Exercise in image formation

Author:
Fritz Glasl
Original title:
Oefening in beeldvorming
Type:
Instruction
Language:
Dutch
Year:
1973
Pages:
5
Subject:
see title
NPI reference no.:
3061.7311

INSTITUUT VOOR ORGANISATIE ONTWIKKELING
Valckenboschlaan 8 ‚Zeist. Telefoon (03404) 2 00 44
3061,7511
Fa/LG
OEFENING IN BEELDVORMING
demanded an he mn ve an oe oe a an me oe ma a ar
handleiding voor de cursusleiding
1e Probleemstelling
2.
De
Deze oefening is ontstaan tijdens een assistenten-werkweek
naar aanleiding van de vragen:
—- hoe kunnen wij leren echt vanuit fenomenen te praten?
= hoe kunnen wij zichtbaar maken, met welke problemen men
tijdens een beeldvorming eigenlijk worstelt, zoals bijv:
. heeft men een werkelijk beeld gekregen?
‚ heeft ieder groepslid hetzelfde beeld gekregen?
‚ hoe moet men iets uit zijn eigen waarneming voor de ande-
ren beschrijven, opdat de anderen zich een vergelijkbaar
of identiek beeld kunnen vormen?
= welke procedures kunnen er tijdens een beeldvorming toege-
past worden?
=- hoe kan men toetsen of een beeldvorming voldoende was?
Met deze oefening, die in het volgende beschreven wordt en die
tot doel heeft antwoord te geven op de zo net gestelde vragen,
is intussen al in vele cursussituaties gewerkt, zodat ze al
verder dan in de experimentele fase is.
Grondgedachte van de oefening
“Neem eens een foto uit cen tijdschrift, knip het in stukken,
geef ieder lid van een groep een stukje en laat vervolgens de
mensen aan elkaar vertellen, wat ze op hun stukje gezien heb-
ben, Uit hun verhalen moeten ze zich nu een beeld kunnen maken
van wat de anderen gezien hebben, tevens krijgen ze met z'n
allen cen beeld van het plaatje".
De rekwisieten
„a. Een foto of reproductie (niet te klein van formaat, liefst
Al, A3-formaat).
Het moet iets voorstellen, dat een beetje buitengewoon is,
d.w.z. er moet iets onverwachts, iets ludieks of iets dub-
belzinnigs in zíjn. …
(Voorbeeld: we hebben veel gebruik gemaakt van cen foto:
twee mensen spelen cen schaakpartij, maar de figuren zijn
Duitse soldaten met Hitler, toren = raket Va, andere figuren
zijn bijv. vliegtuigen, radarschermen vnz.).
b. wordt in stukken geknipt, ieder deel wordt van een letter
voorzien, bijv.

2e
= zo in &tuúkken snijden, dat je niet uit een stuk alleen al
de betekenis van het plaatje Op kunt maken;
- zo knippen, dat je cen deel niet helemaal afgesloten op
het stukje hebt, maar dat er iets daarvan op het stukje
van een ander groepslid te zien isj
= ook niet te ingewikkelde delen maken, bijv.
GN
dan krijgt het te veel kunstmatig karakter.
c. Op een wit vel papier wordt getekend, hoe de stukken van het
plaatje bij elkaar passen (maar natuurlijk niet, wat er op
het plaatje te zien is), bijv.
TTS
zodat zich bijv. B. kan realiseren, dat zijn stuk samenhangt
met A en C,
â, Ieder actief groepslid en ook iecdere waarnemer krijgt een
vel papier (en viltstiften c.q. waskrijt).
Je Procedure voor de oefening
a. (15 minuten): — uitleggen van doelstelling en procedure van
: de oefening (volgende punten b totese.);
= de tekening waarop te zien is hoe het plaatje
in stukken geknipt is en hoe de stukken bij
elkaar passen;
— indelen van de groep in - “spelers! en
— waarnemers.

b. (1 minuut) : +
ce (1 minuut) u
..
d. (30 minuten)
Taak van de groep
e. (5-10 minuten): —
f. (10-15 minùtenk —
5e
uitreiken van de stukken van de foto aan
de spelers; d.w.z: zoveel stukken = zoveel
spelers (variante: à 2 spelers krijgen
hetzelfde stuk);
iedere speler mag zijn stuk 1 minuut lang
intensief bestuderen, maar:
. geen aantekeningen maken, het stuk niet
tekenen!
. niet aan de andere spelers laten zien.
‚. als (väâriante) meer spelers een stuk
krijgen, dar mogen ze het wel samen
bestuderen, maar tijdens het studeren
niet met elkaar erover praten!
na afloop van 1 minuut zamelt de cursus-
leiding weer alle stukken ins
Men moet dus in het vervolg zijn stuk vanuit
zijn geheugen beschrijven. De waarnemers
hebben het stuk helemaal nog niet gezien
(variante: een deel van de waarnemers
mag het hele plaatje aan het begin even
zien).
Uitvoering van de oefening, dew.ze men moet
nu zuiver verbaal, dus zonder zijn eigen
stukje op een flap te tekenen en zonder
notities te maken, beschrijven wat men ge-
zien heeft en men moet als groep tot cen
totaal beeld komen. Men doet als cursus-
leiding er goed aan, om de groep van tevoren
aan te bevelen, aan het begin eventjes over
de procedure te praten, hoe men nu te werk
wil gaan! De spelers bepalen zelf, in welke
orde ze om de tafel willen gaan zitten, of
er iemand de leiding moet krijgen, of men
een betere planning wil maken enz.
is dus: Hoe ziet het hele plaatje eruit?
Iedere speler en iedere waarnemer tekent nu,
hoe voor hem het totale plaatje er uit ziet
(daarom het papier en de stiften onder 3d!),
maar men mag niet kijken, hoe de buurman
dit tekent. Dit plaatje laat men voorlopig
nog niet aan de anderen zien!
Gesprek: Heeft dit plaatje cen bepaalde bete
kenis? Zo ja, welke? Dit gesprek kan op
verschillende manieren plaats vinden:
, alleen tussen de spelers;
. gezamenlijk tussen spelers en waarnemers;
. afzonderlijk tussen spelers aan de ene
kant en waarnemers aan de andere kant en
vervolgens de uitkomsten met elkaar verge-
lijken.

5,
(10 minuteh)t & Het hele plaat jé late zich;
s De verschillende tekeningen van ‚spelers Cee
waarnemers laten zien.
h. (30 minuten): — Evaluätie van de oefening.
Gezichtspunten voor de evaluatie:
Tso.v. de procedure: Men kan verschillende procedures toepassent
1. A beschrijft zijn stuk tot in alle details, daarna B enz.
è. A beschrijft zijn deel alleen maar in grote trekken, dan
B de grote lijnen enz.; in een volgende ronde gaat men pas
in op details en komt door vraag en antwoord tot het hele
beeld (varianten):
- À beschrijft nu in details zijn stuk,
daarna B enz,
= Men gaat zich nu blijkt, dat het meest
relevante en belangrijkste gebeuren op
de stukken B en C te zien moet zijn,
vervolgens op de details van B en C
richten.
= Men herkent dat er op het plaatje bijv.
een schaakspel in cen kamer te zien is
en beschrijft vervolgens eerst de Vactic'!!
van het beeld en dan de ruimte, waarin
zich dat afspeelt.
= CAZ
Se Men heeft bepaalde vermoedens t.o.v. de betekenis van het
plaatje en springt van de waarneming over tot conclusies.
T.o.v. de interactie
_ Beschrijft men zijn stuk voor zichzelf of voor de anderen?
„= Luistert men naar elkaar, omdat men als hele groep aan het
hele beeld werkt, of luistert men naar elkaar, totdat men
zijn eigen stukje beter begrijpt?
—- Komt men tot nerhalingon, omdat men te voel met zijn eigen
stukje bezig is
…- Zijn er een Jean personen, die leiding geven aan het hele
proces, aan de interactie, aan de procedure?
= Laat men de anderen in het duister raden, terwijl men zelf
misschien de verklaring voor een bepaald probleem heeft;
en doet men dan met innerlijk genoegen mededeling: ''Zo is het
en niet anders!"
— Laat men zijn eigen waarneming beïnvloeden door bepaalde
interpretaties, die men zelf aan zijn stuk geeft? Of intor-
pretaties van anderen?
= enz

T.o.v. de inhoud: let op
= Of men voor de anderen duidelijk maakt, of men “links! en
“rechts! bedoelt als "links van de vrouw!" of aan de linker
kant van het plaatje, of dat men zich deze problemen niet
realiseert;
“ of men de proporties van het plaatje en de voorwerpen aan
elkaar duidelijk maakt.
Het borspronkelijk gebruikte plaatje is bij FG ter inzage.
Graag verdere ervaringen met en ontwikkelingen van deze
oefening doorgeven aan FG.
Copyright NPI