← Back to catalogue

Directions to design a training programme

Author:
Hans von Sassen - Otmar Donnenberg
Original title:
Wegwijzer voor het ontwerpen van een opleidingsplan
Type:
Syllabus
Language:
Dutch
Year:
1986
Pages:
4
Subject:
starting points, design, programme and preparation of situations to learn from, Designing a training programme
NPI reference no.:
3987.8611

Nederlands Pedagogisch Instituut
3987.8611
HS-0D/LG
WEGWIJZER VOOR HET ONTWERPEN VAN EEN OPLEIDINGSPLAN
Bij het uitwerken van een opleidingsplan gaat het om een
antwoord op de vraag:
Welke reeks van opleidings- en leersituaties maakt het moge-
lijk dat deze mensen deze leerresultaten kunnen bereiken
(als zodanig is het iedere keer opnieuw een oefening in
procesdenken).
I Uitgangspunten voor het ontwikkelen van een opleidings-
plan zijn:
1. De opleidingsdoelen.
2. De deelnemers, d.w.z. hun:
— capaciteiten: wat kunnen en weten zij reeds, waarop
kan worden voortgebouwd?
- gerichtheid: wat streven zij na?
- geaardheid: wat is verder kenmerkend voor de deel
nemers?
3. De omstandigheden.
Mogelijkheden en beperkingen t.a.v.:
- beleid (bedrijfsbeleid, personeelsbeleid, oplei-
dingsbeleid)s;
- beschikbaar zijn van docenten en deelnemers;
- tijd, ruimte, middelen, budget.
Elk mogelijk opleidingsplan zal telkens weer aan deze
punten getoetst moeten worden, wil dit zinvol en uit-
voerbaar zijn. Deze criteria hebben voor een deel reeds
bij het vaststellen van de opleidingsdoelen een rol ge-
speeld,
II Ontwerpen, programmeren en voorbereiden van leersitua-
ties
1. Een ontwerpfase
In deze fase wordt het "model van de leergang" ont-
worpen, het hoofdthema en de grondgedachte van het
geheel en het beleid t.a.v. de leergroep gedurende de
leerweg.
Instituut voor Organisatie Ontwikkeling Valckenboschlaan 8, Postbus 299, 3700 AG Zeist Telefoon 03404-20044

III
2. Een programmeringsfase
In deze fase wordt het ontwerp verder uitgewerkt door
geleding van de leergang in perioden met een bepaalde
tijdsduur en een bepaald ritme (daggedeelten, dagen,
weken of nog grotere eenheden), bepaling van focus en
thema's in die perioden en rol en werkwijze van de
leergroep (wanneer werken met deelgroepen b.v.).
3. Een voorbereidingsfase
In deze fase worden de afzonderlijke leereenheden
(lessen) concreet voorbereid, dus een "lesplan" ge-
maakt: opbouw van de les, leervormen, onderwerp en de
rol van opleider en deelnemers bij die activiteiten.
Ontwerpen van het opleidingsplan
Het volgende beschrijft een viertal stappen bij het ont-
werpen van een plan, die ook in de programmerings- en de
voorbereidingsfase van toepassing zijn, maar nu meer
concreet en voor kleinere eenheden.
Een opleidingsplan komt niet tot stand als een “optel-
som! van afzonderlijke activiteiten. Eerst is een visie
op het geheel nodig, zoals dit ook het geval is bij het
tot stand komen van een bouwplan van een huis of een ap-
paraat. De eerste schetsen worden, als men er iets in
ziet, uitgewerkt en getoetst, totdat een bevredigende
vorm gevonden is.
Deze gang van zaken is als volgt:
1. Haal de opleidingsdoelen en de wijze waarop deze tot
stand kwamen nog eens duidelijk voor de geest
Het komt dikwijls voor, dat opleidingsdoelen tijdens
de planning weer worden vergeten, b.v. doordat de
thema's met min of meer traditionele leerstof gevuld
worden, die met het doel nog maar zijdelings te maken
hebben. Een opleiding wordt als zinvol en motiverend
ervaren, naar gelang alles, wat tijdens de leerweg
gebeurt, uit de "geest van de doelen” voortkomt en
dit telkens weer bewust gemaakt wordt.

2. Ontwerp schetsmatig een aantal mogelijke modellen
voor een leerweg en een hoofdthema
Meer en rijkere alternatieven worden zichtbaar, wan-
neer dit ín een groep gebeurt (tot ongeveer 4 leden),
die creatieve bijdragen van elkaar mogelijk maken,
o.a. doordat zij in deze fase alleen hun fantasie en
nog niet hun kritiek inbrengen (dat kan niet..... ).
3. Onderzoek de voorwaarden voor en de gevolgen van de
verschillende modellen
— Welke gevolgen heeft elk model voor:
. de aard van de leersituaties (b.v. cursus, prac-
ticum, stage, leren in eigen werksituatie);
de eisen aan opleiders/docenten en hun beschik-
baarheid;
. tijd, ruimte, middelen, enz.
- Vergelijk dit met de gegevens over de deelnemers en
de omstandigheden (I, 2 en I, 3).
-— Onder welke voorwaarden zijn dingen te realiseren
of aan te passen, eventueel door het opleidingsplan
enigszins te wijzigen.
4. Kies het meest geschikte model en werk dit zo nodig
verder uit
Een schriftelijke presentatie kan — om voor de niet
direct betrokkenen duidelijk te zijn - b.v. de vol-
gende gegevens bevatten:
a. De aanleiding tot de opleidingsactiviteit (cursus,
enz.) en de gebleken behoeften in de werksituatie.
b. De opleidingsdoelen.
c. De deelnemersgroep.
= voor wie bestemd, uit welke werksituatie, func-
tie, enz.;
— voorwaarden voor deelname;
— omvang van de groep.
d. Het programma (globaal) met thema's en didactische
werkwijze.
e. Organisatorische gegevens: tijd, plaats, enz.
Het karakter van deze 4 stappen kan ook als volgt worden
aangeduid:
1. Erin komen, warm worden.
2. Proberen, spelen met mogelijkheden.
3. Vergelijken, toetsen.
4. Besluiten, vastleggen.

Ten slotte is het nog van belang te bedenken, dat niet elk
opleidingsplan nauwkeurig en waterdicht van tevoren behoeft
te worden vastgelegd.
Het plan is een hulp om in het verloop van de leerweg geor-
dend en doelgericht te werk te kunnen gaan, niet een voor-
schrift. Hoe beter de opleiders zich tijdens de planning in
de cursus hebben ingeleefd, des te gemakkelijker zullen zij
op de situatie inspelen en het plan onderweg invullen of
wijzigen. Hoe hoger het niveau van de opleidingsdoelen, des
te meer kan men met een "open ontwerp" volstaan om dit samen
met de. (volwassen) deelnemers uit te werken, m.n. na afloop
van de beginperiode van de leergang.
COPYRIGHT NPI